Theo van Doesburg

over kleurgebruik

[citaten]

 
 
 

"Tot nog toe bleef de kleur bijzaak. Dit kon ook niet anders, daar de prullig aaneengetimmerde woninghokken geen zichtbaarmaking der ruimte noodzakelijk maakten. Slechts dan, wanneer bouwkunst weer architectuur wordt, dat wil zeggen monumentale samenvatting van ruimte, vorm en kleur, krijgt deze laatste weer de betekenis die haar toekomt."

Theo van Doesburg: "De betekenis van de kleur in binnen- en buitenarchitectuur" Bouwkundig Weekblad, nr 21, 17 mei 1923, pp. 232-234, in Theo van Doesburg, "Naar een beeldende architectuur", blz. 81.

 

"Grundsätzlich ist der architektonische Raum nur als gestaltlose und blinde Leere zu betrachten, solange die Farbe sie nicht tatsächlich zum Raum gestaltet. Die gestaltende Raum-Zeitmalerei des 20. Jahrhunderts ermöglicht es dem Künstler, seinen grossen Traum, den Menschen statt vor, in die Malerei hineinzustellen, zu verwirklichen."

Theo van Doesburg: "Farben im Raum und Zeit", In De Stijl VIII, 87/89, p. 36

 

"Voor de zuivere openbaring der schilderkunst is in de allereerste plaats noodig: een sfeer. En wie zal beter in staat zijn deze sfeer voort te brengen dan de bouwkunstenaar? Het komt alles op evenwicht aan, bij evenwicht is slechts daar waar de voortbrengselen van beide of meerdere kunsten door één en dezelfde geesteshouding bepaald worden. Dit nu is de opgave der monumentale kunstuiting. Het beeldend vermogen zal zich richten naar één en hetzelfde stijlbewustzijn."

Brief van Theo van Doesburg aan J.J.P. Oud, 1-6-1916, in Theo van Doesburg, "Naar een beeldende architectuur"
blz. 132.